Home >
Rekkingsoefeningen hebben altijd bestaan. Vroeger hadden we het beeld van naveren en pijn. Wanneer op gymnastiekevenementen trainers hun pupillen letterlijk onder hun handen zien nemen lijkt het alsof in een automatisch beschermende reflex onze eigen spieren opspannen om pijn te vermijden. De extreme lenigheid die daar gedemonstreerd wordt heeft uiteraard niets te maken met stretching.
Stretching is héél persoonlijk. Je verkent zonder pijn de grenzen van je eigen gewrichten en spieren om uiteindelijk een maximale mobiliteit te verkrijgen.
Voor een goede lenigheidstraining volg je best enkele basisregels. Mochten onze regels licht afwijken van hetgeen je gewoon bent, dan is dit waarschijnlijk geen probleem. 'De' regels bestaan niet.
Spieren worden best eerst opgewarmd. Koud stretchen is af te raden. Een goede opwarming bestaat uit ritmisch continu bewegen met je hele lichaam, zoals bij cardiotraining, aan een rustige intensiteit (50 tot 60% van je maximale hartfrequentie, met een gevoel dat je dit héél lang kan uithouden).
Een goede rek doe je steeds statisch. Verend of ballistisch rekken werd vroeger veel in competitiesporten gebruikt om extreme lenigheid te bereiken. Voor onze doelstellingen is dit onefficiënt en onveilig.
Mis je ideeën en variatie, volg dan eventueel een speciale stretchingles, yoga of Tai chi.