Home >
We hebben allemaal de neiging om onze fysieke paraatheid, ons voorkomen, ja zelfs soms onze gezondheidstoestand te meten met de weegschaal. Voor velen de stem van hun geweten, voor sommigen een obsessie.
En nochtans.
De weegschaal zegt je absoluut niet of je een gezond gewicht hebt of niet. Ze zegt je gewoon hoeveel je weegt, en dit is alles.
Er is véél meer.
Frank en Jan zijn 35 jaar, wegen allebei 85 kg en zijn 1m78 groot.
Frank heeft in jaren niet meer gesport. Hij is van nature uit niet zo gespierd, en heeft dan ook redelijk smalle benen. Hij werkt als vertegenwoordiger, zit veel in de wagen en gaat iedere dag uit eten. Hij heeft dan ook een redelijk buikje. Hij heeft een vetpercentage van 28%.
Jan is een sporter. Hij zit bijna iedere dag in de fitness en doet regelmatig krachttraining. Hij is van nature uit redelijk gespierd. Hij eet gezond en gevarieerd en staat zoals men zegt 'scherp'. Hij heeft een vetpercentage van 13%.
Wat is de boodschap van de weegschaal?
Hilde is 28 jaar, ze is 1m75 groot en weegt 72kg. Ze doet niet aan sport, en wil vermageren. Ze wil zo snel mogelijk resultaat en daarom beslist ze om drastisch minder te eten. een crash dieet. Op korte tijd verliest ze inderdaad 3kg. Natuurlijk is dit geen vetmassa. Haar lichaam heeft voedingsrijke bestanddelen nodig, welke het door het crash dieet niet via de voeding krijgt en het haalt het uit haar vetvrije massa. Eigenlijk verliest Hilde slechts 0,5kg vetmassa, maar 2,5kg vetvrije massa. Crash diëten kan men niet volhouden, dus na twee weken begint Hilde weer normaal te eten. Ze heeft een enorme drang naar zoetigheid en vet. Wat slaat haar lichaam snel op? Juist. vet. Het resultaat op korte tijd weegt Hilde terug 72kg, maar haar lichaamssamenstelling is gewijzigd. Ze heeft 3% meer vetmassa dan voor haar dieet. en dat kon toch niet de bedoeling zijn.
En wat zegt de weegschaal?
Lichaamsgewicht geeft zoals die twee voorbeelden aangeven zeker geen correcte indicatie van gezondheid. Wat telt is je lichaamssamenstelling. Je lichaam is namelijk voor een deel opgebouwd uit vet en voor de rest uit vetvrije massa. Vet is een noodzaak, maar teveel vet is ongezond. Bij vrouwen zou er een verhoogd risico op aandoeningen zijn vanaf 26 tot 30% lichaamsvet, en bij mannen zou dit rond de 19 tot 24% liggen. Vrouwen hebben van nature uit meer lichaamsvet, en naarmate we ouder worden stijgt ons vetpercentage.
De verhouding tussen de hoeveelheid vet en vetvrije massa noemen we onze lichaamssamenstelling.
Aangezien de weegschaal ons daar absoluut geen indicatie over geeft, of ons zelfs op een dwaalspoor brengt zeggen we beter i.p.v. weegschaal
Weg schaal.
De meeste tabellen, zelfs die gebruikt door de verzekeringsmaatschappijen, zijn enkel gebaseerd op lengte en gewicht. In het slechtste geval wordt er zelfs helemaal geen rekening gehouden met het lichaamstype, zelfs niet met het geslacht en wordt je ideaal gewicht enkel gekoppeld aan je lichaamslengte. Deze tabellen zijn waardeloos.
Dikwijls maakt men gebruik van de BMI-index : de Body Mass Index (je gewicht (in kg) gedeeld door je lichaamslengte (in meters) in het kwadraat) BMI= gewicht / lengte². Ook hier gelden dezelfde beperkingen aangezien geen rekening wordt gehouden met de lichaamssamenstelling. Een kort gespierd persoon kan makkelijk een hoge BMI hebben en nochtans niet noodzakelijk vet zijn en dus een hoger risico hebben op ziekte of aandoeningen. Eigenlijk kan ook hier enkel beter gescoord worden door gewichtsverlies, en zoals we reeds aanhaalden is dit een héél beperkte indicatie en in sommige gevallen misleidend.
Eigenlijk is dit ook niet zo eenvoudig.
Er bestaan momenteel verschillende methodes. De meest accurate methode is ' Onderwaterweging ' : Deze methode geeft een juist beeld van je vetpercentage, maar is niet zo eenvoudig toe te passen. Enkele laboratoria in bewegingsinstituten en hospitalen beschikken over de nodige apparatuur, en indien je dit echt wenst kan je natuurlijk bij hen terecht. Gezellig is het niet, maar je hebt op zijn minst een juiste weergave.
De meest gebruikte methode is : ' Huidplooimetingen '.
Met een speciaal daarvoor ontworpen huidplooimeter worden verschillende huidplooien (afhankelijk van de methode 4 of meer) op afgesproken plaatsen op het lichaam gemeten en opgeteld. Via tabellen krijg je zo een aanwijzing van je vetpercentage. Deze methode heeft ook zo zijn beperkingen :
De laatste jaren komen er meer en meer toestellen op de markt om de lichaamssamenstelling te meten op basis van de lichaamsweerstand . Via het vastgrijpen of blootvoets staan op elektroden of via het kleven ervan aan polsen en/of enkels krijgt men een meting van de lichaamssamenstelling. Sommige toestellen werken ook via infraroodmeting . Volgens de handleidingen en bijgevoegde onderzoeksresultaten zouden deze meetmethodes weinig afwijken van onderwaterweging. Nochtans zijn ook hier beperkingen :
Heb je resultaten van metingen van je lichaamssamenstelling, gebruik ze dan alleen om je eigen vorderingen te meten en ga niet af op de inschaling of de waarde die je gegeven wordt via tabellen. Zorg ervoor dat de metingen telkens gebeuren door dezelfde persoon, en met dezelfde methode. Ons uiterlijk is een onmiskenbare drijfveer voor meer lichaamsbeweging en om onze lichaamssamenstelling te verbeteren. Uiterlijk mag nochtans niet onze enige drijfveer zijn. Nieuwe gewoontes en levenstijl zijn veel belangrijker. Kijk naar de resultaten op lange termijn zoals minder risico op coronaire hartziektes, minder gevaar op blessures, meer kwaliteit in je leven en 'eventueel' gewichtsverlies. Geniet van de voordelen op korte termijn zoals betere fysieke prestaties en minder behoefte aan medicatie. Minder stress en meer dan waarschijnlijk een betere uitgebalanceerde voedingsgewoonte. Wil je toch een meting uitvoeren, meet dan je buikomvang en de buik-heup verhouding (waist-hip ration). De hoeveelheid abdominaal (ter hoogte van de buikspieren) vet wordt namelijk in veel onderzoek geassocieerd met risico op diabetes en hartaandoeningen. Wanneer je buikomtrek vermindert, is dit een goede stap in de richting van een gezonder lichaam.